Kunst kijken

    Liesbeth Kleuver zonder sokken in beeldende les

    De les gaat over sjablonen maken: vorm en restvorm. Voor bij de introductie heb ik een schilderij van Magritte gekozen. Je weet wel, die surrealist van ‘Ceci n’est pas une pipe’. Over het verschil tussen een voorwerp (een pijp) en de afbeelding daarvan.
     
    Op het schilderij dat ik mijn klas voorhoud, zien we de achterkant van een man met bolhoed vanaf zijn middel. Rechts een bruin gordijn waarin het silhouet van de man lijkt uitgeknipt. In de achtergrond is een blauwe wolkenlucht boven zee en strand te zien. Wie goed kijkt, ziet dat de rechterschouder van de man het gordijn overlapt en dat die overlapping terugkomt in het uitgeknipte silhouet.

    Zonder voorafgaand theoretisch kader over Magritte of het surrealisme, vraag ik de kinderen om in groepjes de afbeelding te bekijken en erover te praten: wat zie je? Wat voel je? Wat denk je dat de schilder heeft bedoeld? Hoe is het gemaakt? Eigenlijk is mijn opdracht overbodig, want nieuwsgierig als ze zijn, stellen de kinderen zich deze vragen al vanaf binnenkomst. Na enkele minuten laat ik één kind per groepje vertellen wat er is besproken. Ik ben onder de indruk van de inzichten en de spontane bruggetjes naar surrealisme en ‘andere werkelijkheid’.

    ‘Wij denken dat dit schilderij over de dood gaat. Die man is dood. Dat gordijn is somber, zoals bij begrafenissen. Maar je ziet de hemel erdoor, waar die man naartoe gaat – als je dat gelooft. Het is geschilderd.’

    ‘Wij vinden het een soort van eenzaam. Die man is alleen in die lege ruimte. Het is gemaakt doordat die man tegen een stuk hout of zo is gaan staan. Toen is hij omgetekend en uitgezaagd. Misschien om minder eenzaam te zijn. Het lijkt nu op twee mannen.’
     
    ‘Wij dachten ook dat het over dood ging, maar niet dat die man dood is. Die man is zo iemand die bij begrafenissen staat, helemaal in het zwart. Het is wel een vreemd schilderij. Je krijgt er een gevoel van heimwee bij. Het lijkt op een foto, maar het bestaat niet echt, wij denken dat het geschilderd is...’

    Het laatste groepje was tijdens de uitwisseling wat onrustig aan het ginnegappen. Woordvoerder Stefan vertelt: ‘Nou, het leek ons een soort van goochelaar, die zwarte man. Met een verdwijntruc. Hij neemt een randje van het gordijn mee. We vinden het eigenlijk wel raar.’ Gegrinnik.
     
    ‘En hoe is het gemaakt?’ vraag ik. Nu krijgt het groepje de slappe lach. Ik wacht en Stefan herpakt zich: ‘We hadden een beetje flauw antwoord, juf…’ ‘Laat maar horen…’
    ‘Nou, eh.., dit is eigenlijk een plaatje gemaakt met een kopieerapparaat…’
     
    Jawel… Ceci n’est pas une pipe!
    Soms blazen kinderen je compleet van je sokken.