Kwaliteit in laagjes

    De vraag naar kwaliteit van cultuureducatie is actueel, ook voor cultuurcoördinatoren. De icc’er die culturele activiteiten begeleidt of coördineert, wil dat deze 'goed' zijn. Maar hoe bepaal je de kwaliteit? Cas Himmelreich, icc-trainer, adviseur en begeleider cultuuronderwijs bij Kaap C, over drie lagen van kwaliteitservaring.

    Waar denken we aan als we het over ‘kwaliteit’ hebben? Hoe ervaren we het en hoe doet het zich aan ons voor? Er zijn drie kernvragen die we aan een product of dienst kunnen stellen om de kwaliteit te bepalen:
    1. is het aantrekkelijk ofwel: voelt het goed?;
    2. is het effectief ofwel: doet het wat het moet doen?;
    3. is het professioneel ofwel: is het op een vakkundige manier gemaakt of gedaan?

    Deze drie lagen van kwaliteit zijn, net als huidlagen, niet los van elkaar te zien. De ‘opperhuid’, de primaire ervaring, kunnen we zien, ruiken, horen, voelen of proeven. De effectiviteit ervaren we op een andere en meer secundaire manier. En kenners en liefhebbers herkennen de mate van vakkundigheid in een maakproces. Dat geldt voor een aansprekende voorstelling of een goede muziekles net zo goed als voor een smakelijk mooi vormgegeven taartje.

    In het artikel voor icc’ers gaat Cas Himmelreich in op de drie verschijningsvormen van kwaliteit en de automatische reactiemechanismen waarin we vervallen wanneer we weinig ervaring hebben met het ervaren van kunsteducatie en het beoordelen ervan. Ook beschrijft hij zes overtuigingsmechanismen die als marketinginstrumenten worden gebruikt om je van de kwaliteit van een cultuureducatief aanbod te overtuigen.

    Download het artikel